Stichting Nieuwetijdskinderen

Ons nieuwetijdskind Bo

Toinette Loeffen is moeder van Bo, een jongen van inmiddels 10 jaar. Bo is lichamelijk gehandicapt: de linkerkant van zijn lichaam is stijf spastisch en tweederde van zijn linkerhersenhelft is niet in gebruik. Dit is ontstaan door een hersenbloeding die Bo vlak voor of tijdens de geboorte heeft gehad. Daarnaast heeft hij last gehad van astma-aanvallen die sinds zijn zesde jaar overgegaan zijn in epilepsieaanvallen. Daarentegen begon Bo al op heel jonge leeftijd te praten en is hij zeer intuïtief en wijs voor zijn leeftijd. Zijn moeder heeft in de afgelopen 10 jaar een dagboek bijgehouden over haar ervaringen met en ontwikkelingen van Bo. Zij heeft hiervan een compilatie gemaakt die in de kwartaalblad in twee delen geplaatst zal worden. In dit eerste deel vertelt zij over de geboorte van Bo tot het moment dat hij naar school gaat.

Ik ben enkele weken geleden in contact gekomen met de Stichting Nieuwetijdskinderen. Ik heb toen beloofd dat ik een stukje zou schrijven over ons "Nieuwetijdskind" Bo dat eigenlijk al heel oud is. Ik merkte dat ik het bleef uitstellen. Niet omdat ik het moeilijk vind om te schrijven, maar omdat ik niet wist waar ik moest beginnen. Er valt zoveel over Bo te zeggen en eigenlijk is het ook zo simpel.
Wat het voor mij vooral ingewikkeld maakte, is het steeds moeten verklaren en bewijzen van "een ander weten" dat meer en meer mensen lijken te vergeten. En dit "ander weten" is moeilijk uit te leggen aan mensen die hier niet voor open willen, kunnen of durven te staan. Dat is jammer, want het geeft je zoveel meer mogelijkheden.
Maar juist daarom wil ik toch een stukje schrijven voor allen die nog vastzitten in de standaarden waarbinnen zij de wereld en het leven hebben leren kennen. Deze standaarden kunnen ons zo beperken in het ontwikkelen van onze mogelijkheden. Daarnaast wil ik erg graag met diegenen die al in contact zijn met "het andere weten" de kennis delen die wij van Bo gekregen hebben.

Maar eigenlijk wil ik dit stuk vooral schrijven voor en aan jou, Bo. Je hebt het helemaal niet makkelijk heeft gehad in de eerste tien jaar van je leven. Omdat bijna iedereen zo gericht was op alles wat je niet kon en wat niet goed/normaal aan je was en er zo weinig mensen waren die je echt konden zien zoals je bent, met wat je hier komt brengen. Er zijn de afgelopen jaren veel puzzelstukjes in elkaar gevallen en de laatste stukjes hebben we gevonden bij de Stichting Nieuwetijdskinderen. En het belangrijkste is dat wij nu weten dat wij niet gek zijn.

Waar het allemaal om gaat:
Een aantal jaren geleden, toen ik nog in de psychiatrie werkte, vertelde een zeer intelligente schizofrene man de volgende tekst van W.F. Hermans aan mij:
"Wat zieken onderscheidt van anderen is de onmacht zich aan te passen aan de bestaande waansystemen"!
En dit is waar dit alles om gaat. Het is bijzonder belangrijk in deze tijd van transformatie dat de zogenaamde zieken gezien en gehoord worden. Alles moet perfect zijn en er ontstaat een cultuur waarbij het lijkt of we alles op kunnen lossen en het leven hier op aarde oneindig kunnen leven. We bestrijden de symptomen en kunnen de zin van een beperking of ziekte en de mogelijkheden die dit met zich meebrengt niet meer zien.
Bij de natuurvolken waren de medicijnmensen vaak mensen die op zeer jonge leeftijd zelf te maken kregen met een ziekte, handicap of psychose. In een psychose komen mensen los van de werkelijkheid. In de psychiatrie zeggen ze dat mensen hallucineren. Dat ze dingen waarnemen die niet bestaan. Ze kunnen stemmen horen die anderen niet kunnen waarnemen, ze kunnen dingen zien die anderen niet kunnen zien en ze kunnen denkpatronen ontwikkelen die anderen niet kunnen volgen. Verder zijn ze bijzonder open en nemen alles waar. Ze ervaren prikkels heel intens en zijn vaak bijzonder associatief. Ik heb, in de 10 jaar dat ik in de psychiatrie heb gewerkt, gezien dat ze dingen waarnemen die anderen niet kunnen waarnemen, maar ik ben niet degene die hierover kan oordelen of deze zaken er echt zijn of niet echt zijn. Ik raak er meer en meer van overtuigd dat deze mensen in contact komen met andere werkelijkheden.
De vroegere medicijnmensen ervoeren al heel jong dat ze anders waren en ze leerden de beperkingen en de pijn van het aardse bestaan. Hierdoor konden ze al heel jong heel veel over het leven leren. Daarom wisten de natuurvolken dat de medicijnmensen al op jonge leeftijd kennis bezaten die anderen niet hadden. In plaats van ze voor gek te verklaren (zoals wij dat nu doen) en ze als ziek te bestempelen (waar je beter niets mee te maken kunt hebben) werden ze ingezet als wijze mensen met kennis.

Nu zien we dit anders. Iedereen moet, vooral hier in het westen, aan een bepaald concept voldoen en als je daar niet inpast, val je erbuiten en kom je in de hulpverlening terecht. Dan ben je ziek of zwakbegaafd of autistisch of je hebt ADHD. Dit is lastig en moet onderdrukt worden en dus geven we medicijnen om de beperkingen te onderdrukken of op te heffen en zien we niet dat deze mensen ook kwaliteiten hebben, maar dan andere kwaliteiten.
Vaak horen wij: "Wat erg dat jullie een gehandicapt kind hebben". En dan zeggen wij alleen maar: "Wij hebben geen gehandicapt kind. Ons kind heeft een handicap zoals iedereen. Maar hij heeft ook bijzondere gaven."

Ik weet dit al heel lang, maar heb het ook heel lang niet durven zeggen, omdat ik bang was in de hulpverlening als de moeder gezien te worden die niet accepteerde dat haar kind gehandicapt is en er ook iets moois van wilde maken. Nu kan ik het omdraaien en weet ik dat jij iets heel moois bent lieve jongen, en ik zal je zo goed mogelijk proberen te begeleiden zodat je met jouw mogelijkheden en beperkingen hier op aarde, jouw opdracht kunt leven.
En dat is soms niet makkelijk, omdat ik al vanaf dat jij heel klein bent, merk dat jij veel meer weet dan wij. Maar wie heeft ons ooit beloofd dat het leven hier op aarde makkelijk zou zijn?
Jij hebt ons uitgekozen en dat is niet voor niets. Ik merk dat ik juist door jou mijn eigen krachten en kennis weer kan vinden en herkennen. Want lieve Bo, jij bent gekomen en je hebt zoveel meegebracht en in beweging gezet, dat ik nauwelijks weet waar ik moet beginnen en wat ik moet vertellen.

Toen je in mijn buik verbleef voelde ik me erg rijk, warm als een soort Godin die een andere mens mag dragen. Al vanaf de eerste dag heb jij me geconfronteerd met het grote mysterie.
De zwangerschap verliep zeer voorspoedig. Toen ik echter 4 maanden zwanger was, ontmoette ik een groep lichamelijk en geestelijk gehandicapte kinderen en ze raakten me diep.
Ik heb flink gehuild en ik maakte mezelf wijs dat het de normale angst was die iedere moeder had. Maar achteraf heb ik daar toen voor het eerst sinds mijn kindertijd weer kennis gemaakt met mijn "echte weten". Ik wist dat jij een handicap zou hebben, maar ben dit toen natuurlijk ook snel weer "vergeten".
De bevalling duurde lang. Twee dagen en een nacht hebben we rondgelopen. Maar het was goed. Wij hadden tijd nodig om jou hier te kunnen ontvangen en jij had tijd nodig om je los te maken en op eigen kracht de wereld in te kunnen stappen.
We waren in eerste instantie gewoon thuis en deden het in ons eigen tempo en dit was goed. We liepen samen door het huis en hebben kilometers afgelegd. We gingen in en uit bad, luisterden naar mooie muziek en maakten grapjes. Toen leek het eindelijk zover te zijn en ik mocht gaan persen. Maar … er ontstond paniek. Jij kreeg het volgens de verloskundige benauwd. Ze begon me uit te leggen dat we echt naar het ziekenhuis moesten. En als ik een levend kindje wilde, dan moest ik alle weeën wegzuchten tot we in het ziekenhuis waren. Ik bleef nog steeds heel rustig, vertelde haar waar mijn tas stond en dat het oké was. Maar iedereen om ons heen was in paniek. De rit in de ambulance was verschrikkelijk en ik kan nog steeds het "geweld" voelen wat er in het ziekenhuis op ons af kwam. Overal was kabaal, alles werd van ons over genomen en je bent met geweld, met tangen aan jouw hoofd, uit mij getrokken. Was dit nu echt nodig??
Wij hebben hier beiden nog lange tijd last van gehad, vooral omdat het niet in overleg met ons gebeurde. Niemand zag wie wij waren en wat we nodig hadden, het werd ons al helemaal niet gevraagd. We waren volledig overgeleverd. Het gevoel van intimiteit, rust en ritme en afstemming dat wij thuis hadden, was helemaal kapot.

Daar was je dan, onze Bo. Bo is de boom waaronder Boeddha het opeens allemaal doorhad en betekent "de Verlichting". Dit hoorde ik pas achteraf, maar een passender naam hadden we je niet kunnen geven.
In het ziekenhuis was alles koud en kil. Je werd apart gelegd. Alleen toen het bezoek kwam mocht je even bij mij zijn. Juist toen je me even diep aankeek en we elkaar leken te herkennen kwam het bezoek binnen. Er werden foto's gemaakt met felle lichtflitsen waar jij steeds van schrok. Toen het bezoek wegging en de rust terugkeerde, werd jij in een plastic bakje gelegd en weggebracht. Naar de babykamer.
Ik heb je de hele nacht horen huilen, maar mocht niet naar je toe. Want, zo werd mij gezegd, de baby's hoorden op de babyzaal en de moeders moesten rusten in bed!
Het was een verschrikkelijke nacht waarvan ik de verscheurdheid nog kan voelen. De volgende ochtend ben ik als een tijgerin tekeer gegaan. Je had het ijskoud en was rillerig.
Ik had nog maar één doel: naar huis. Gelukkig mocht dit ook.

De eerste twee dagen waren oké, maar toen begon het hartverscheurende gehuil. Dag en nacht huilde je. Ik voelde dat je hier niet wilde zijn en dat het niet goed met je was. Je spuugde al je voeding uit. Het was alsof ik je helemaal niet meer kende. In mijn buik kende ik je zo goed en nu was je helemaal in verzet. Je overstrekte en duwde je steeds van me af en omhoog. Ik zag dat je veel pijn en verdriet had.
Nachten liepen we met je rond. Alleen lichamelijk contact, in de emmer met water of schommelen, konden je tot rust brengen.
Je had ook duidelijk moeite om te gaan slapen. Ik heb voortdurend bij de huisarts aangegeven dat het niet goed met je was, maar hij wimpelde alles weg: "Mevrouw, u bent gewoon onzeker".

Na negen maanden waren we doodop en ten einde raad. We besloten een antroposofische huisarts te raadplegen. Dit was een letterlijke opluchting. Deze arts nam de tijd om goed naar ons te luisteren en echt naar jou te kijken. Hij stuurde ons direct door naar een fantastische antroposofische kinderarts en heel snel werd duidelijk dat tweederde deel van je linker hersenhelft helemaal was verdwenen ten gevolge van een hersenbloeding voor of tijdens de bevalling. Doordat er geen bloed meer werd toegevoerd is dit deel afgestorven en is het nu een open ruimte met vocht.
Het werd ons nu duidelijk waarom jij nog niet kon omrollen of kruipen, zoals andere kinderen van jouw leeftijd. We moesten gaan revalideren en oefenen en niemand kon ons zeggen hoe jij je zou gaan ontwikkelen. Alles zou afhangen van het oefenen, revalideren, jouw intelligentie en onze begeleiding. Hoe we je moesten begeleiden kon echter niemand ons zeggen.

En zo gingen we vier keer per week naar het revalidatiecentrum. Oefenen, oefenen, oefenen. En ik voelde hoe jij je verzette. Je had last van de overvloed aan prikkels in de stad, andere mensen en de druk van het moeten oefenen. Als reactie hierop kreeg je enorme aanvallen van benauwdheid. Daarentegen kon je uren alleen buiten spelen. Dan merkten we nauwelijks dat jij er was. Je zeurde nooit en was bijzonder lief. Iedereen die je ontmoette, werd door jou geraakt. En toen ik op een dag besloot dat je een prachtig kind was en het ook prima was als je nooit zou lopen, liep je na een week.

Je was nog geen twee jaar oud en kon al erg goed praten. Je sprak hele zinnen en wijze woorden. Je bent een bijzonder enthousiast spontaan, levensblij kind. Je "las" hele boekjes, met prachtige intonaties en kon de hele film van Aladin naspreken. Alle stemmen werden exact geïmiteerd. En…. je wist precies wat je wilde. Jij wilde zelf de liedjes zingen en als ik een bandje opzette, schoof je op je billen (wat je behoorlijk veel moeite en energie kostte) naar de stereo-installatie en zette de muziek uit met de tekst: "Zo die moet uit, Bo zingt zelf!" en je triomfantelijke, eigenwijze gezicht zal ik nooit vergeten.
Toen je op ziekenbezoek was bij je Oma Esseline (de oma van je vader) vroeg je haar: "Oma Doortje was ook ziek en is dood nu, ga jij nu ook dood oma?" Jij was toen bijna 4 jaar oud.

Vaak kreeg je het letterlijk stikbenauwd. Meestal door de overvloed aan prikkels. Prikkels leken bij jou zes keer zo hard binnen te komen. Je kon ze niet meer verwerken. Dan werd je zelf druk. Vooral 's nachts: je lag met je ogen wijd open in bed, was stikbenauwd en je hele lichaampje was spastisch. Je spuugde al je voeding en vocht eruit en had flinke diarree.
Je werd soms zo benauwd dat je opgenomen moest worden in het ziekenhuis en aan het infuus moest. Ik voelde dan je verlangen om te vertrekken uit deze moeilijke wereld.
En geen regulier medicijn hielp jou. Van ventolin (een middel tegen astma dat longblaasjes en aderen acuut verwijdt, red.) werd je alleen nog benauwder en spastischer. Het verwijdde voor even je longblaasjes, maar het joeg je hele lichaam op hol, waardoor je enkele minuten later nog benauwder was. Je hart leek er letterlijk en figuurlijk van op hol te slaan.
Maar ook hiervoor boden de antroposofische middelen en de antroposofische kliniek een geweldige uitkomst. Als je dan toch opgenomen moest worden en aan een infuus moest, lag je daar in een prachtig houten bedje met een hemeltje om je te beschermen. Je bedje stond voor het raam, en 's ochtends zag je de konijntjes voorbij springen. Ik zag je genieten en door de wikkels, de warme baden en de massages zag ik je besluiten om langzaam weer terug te komen in je lichaam. En via de antroposofische kliniek ontdekten we het warme lavendelbad. Daar gingen we dan thuis ook vaak samen in en dan was het goed. Ik zag je dan als het ware weer indalen en rustig worden.

Op de momenten dat je zo benauwd was (meestal was het rond middernacht het ergst), was je vaak glashelder. Je lag dan met grote open ogen in bed en je leek in direct contact met de kosmos. Je zei op zeer jonge leeftijd al verbazingwekkende dingen. Het leek alsof er een heel oude wijze man door je heen sprak. Je stem veranderde, hij klonk zwaar en leek van heel ver te komen. In het begin schrok ik hier wel van: ik was tot jij kwam namelijk nog erg aards en nuchter.
Jouw uitspraken waren zo indrukwekkend dat ik ze heb opgeschreven. Toen je overgrootoma Esseline, waar jij een bijzondere band mee hebt, ziek was, zei je op een nacht dat je weer zo benauwd was plotseling: "Toen ik klein was, mama, toen ben ik ook een keer dood gegaan. Toen ging ik ook naar de hemel en toen ben ik bij papa en jou gekomen". Ik heb gemerkt dat spontaan/intuïtief reageren op zo'n moment het beste voor jou werkt. Toen zei ik, terwijl ik je daar zo zag liggen, recht uit mijn hart: "Papa en ik zijn heel blij dat jij bij ons bent gekomen". Dit leek je te helpen. De hele nacht zei je steeds als ik bij je kwam: "Papa en jij waren blij hè mam, toen ik bij jullie kwam?" Die nacht gaf je ook steeds zelf weer aan dat je in het lavendelbad wilde. Je weet zelf bijzonder goed wat goed voor jou is.
Het bleek dus ook heel belangrijk voor je te zijn om te weten dat ook jij welkom bent hier op aarde. Vaak merk ik als ik met ouders van kinderen met een handicap praat, dat deze kinderen als lastige pakketjes beschreven worden. En dat terwijl ze ons ook zoveel prachtigs brengen als we onze ogen, oren en hart durven openen, in plaats van te vervallen in de teleurstelling omdat ons kind niet is zoals 'het zou moeten zijn'.

Na de dood van je overgrootoma vroeg je mij wanneer ik van plan was dood te gaan: "Want iedereen gaat dood hoor, mam. Je gaat dood en wordt weer levend en gaat weer dood. En als je dood gaat, dan zie je het (dat je dood gaat), maar je kunt er niet doorheen kijken. Dit zag je toch ook toen oma dood ging. Ze zag het maar ze kon er niet doorheen kijken, tot haar hoofd anders werd. We worden dan allemaal een soort gras (hiermee beschreef hij volgens mij ons lichaam wat weer tot aarde wordt en verandert in jong gras) en komen in allerlei hemels". Het was prachtig hoe je dit vertelde en ik voel dan dat jij dit gewoon weet. Je was toen bijna 5 jaar oud.

Zo zaten we ook een keer samen in bad en je vroeg me hoe ik Steve (je vader) had leren kennen. Ik vertelde het jou en toen ik bij het samenwonen was aangekomen zei je stralend:
"Ja, en toen wilden jullie een kindje en dat was ik. Toen zat ik in je buik en toen ben ik eruit gekomen. En toen huilde ik heel veel en was veel ziek en moest naar het ziekenhuis. En dit kwam, omdat ik terug in je buik wilde mam, want daar was het fijn. Toen ik eruit kwam had ik heel veel pijn. En daarom wil ik met je in bad als ik ziek ben."

Door Toinette Loeffen

< terug | afdrukken | tekst | Ons nieuwetijdskind Bo

Web-Match zoekmachine optimalisatie en marketing

24,25 sept: Opvoedopstellingen voor professionals

Opvoedopstellingen voor professionals: een 3 daagse training: 24, 25 september en 15 okt. te Nijkerkerveen (nabij Amersfoort) Meer informatie..

Banner plaatsen?

Meer informatie..

Aanmelden nieuwsbrief

Wilt u de E-nieuwsbrief van de Stichting ontvangen? Meer informatie..

Advies

Heeft u een opvoedingsvraagstuk? Wilt u een fundamenteel inzicht krijgen in de oorzaken áchter het gedrag van uw kind? Wilt u actief werken aan uw vraagstukken? Maak dan een afspraak met onze kinderfluisteraar en/of oudercoach van de Praktijk voor Kwaliteitsopvoeding. Meer informatie..

Download brochures

Download hier brochures Nieuwetijdskinderen en Paranormale ervaringen van kinderen. Meer informatie.. Bookmark and Share